Deel 5 extra onderzoek - (on)macht en (on)zin
15-02-2007
In aanloop naar de verkiezingen voor de Provinciale Staten op 7 maart 2007 nemen we wekelijks een specifiek onderwerp onder de loep. Wat weten Nederlanders eigenlijk van de provincie? En hebben de Provinciale Staten te veel of juist te weinig macht?Deze week deel vijf: (on)macht en (on)zin van de provincie.
Heeft de provincie te veel of juist te weinig macht? Te veel zegt iets minder dan één op de tien Nederlanders. Te weinig zegt iets meer dan één op de tien Nederlanders. De helft van de Nederlanders vindt dat de provincie voldoende macht heeft en de rest weet het niet.
Vooral mannen, ouderen en hoger opgeleiden vinden dat de provincie te veel macht heeft. Dat de provincie te weinig macht heeft vinden vooral vrouwen, mensen van middelbare leeftijd en met een middelhoge opleiding. SP-stemmers zijn uitgesproken in hun mening; we vinden ze zowel vaak in de categorie te veel macht als de categorie te weinig macht.
Van bijna twee op de tien Nederlanders mag het provinciaal bestuur best worden opgedoekt. De meeste, meer dan vier op de tien, zijn het daar niet mee eens en zien het provinciaal bestuur liever niet afgeschaft. Vervullen de provincies een belangrijke rol bij het besturen van Nederland? De helft van de Nederlanders vindt van wel, terwijl twee op de tien Nederlanders de provincies juist een onbelangrijke rol toe dichten.
En de verkiezingen? Zijn deze dan ook overbodig? Ja, zeggen bijna twee op de tien Nederlanders. Maar de meerderheid van de Nederlanders vindt nog altijd dat de statenverkiezingen niet overbodig zijn.
Het zijn vooral de mensen uit de sterker stedelijke gebieden die de provincie en de verkiezing daarvan niet zien zitten. Verder zijn vooral mannen en hoger opgeleiden meer uitgesproken; we vinden ze zowel veel bij de provinciesceptici als bij de provinciefanatici.
Percentage mensen dat de provincies een belangrijke rol vindt vervullen bij het besturen van Nederland naar mate van stedelijkheid


